Credentie, Samenwerking en Opschorten

In De Gereformeerde Kerken (hersteld) is op zondag 10 september 2017 een mededeling gedaan over de kerk te Mariënberg. In deze kerk zouden moeiten zijn geweest die ertoe hebben geleid dat de kerkenraad (met uitzondering van zijn predikant) “de samenwerking binnen de classis Noord-Oost heeft opgeschort, en zich zo metterdaad buiten het kerkverband heeft geplaatst” (aldus deze mededeling).

Door de classis Noord-Oost is vervolgens “de groep gemeenteleden met ds. M. Dijkstra” als wettige kerk erkend. Een verregaande, diep ingrijpende consequentie!

Is de gedachtegang van de classis Noord-Oost echter juist? Is opschorting van samenwerking werkelijk verbreking van het kerkverband? Ook als de wil wordt geuit om de kerkelijke weg te bewandelen? Ook als deze opschorting wordt gekwalificeerd en de oorzaken hiervan duidelijk zijn aangewezen? Heeft DGK Mariënberg werkelijk het kerkverband verbroken? In onderstaande notitie door br. C.A. Teunis worden hierbij indringende vragen gesteld.

 

-MV

 


 

Door: C.A. Teunis

 

Inleiding

In deze notitie wordt een onderzoek gedaan naar het verschil tussen “credenties opschorten” zoals in een kerkelijke betekenis gebruikt, en “normaal opschorten” zoals in het dagelijkse spraakgebruik gangbaar is. Ook samenwerking komt aan de orde.

In deze notitie is gebruik gemaakt van de verklaringen van de kerkorde welke geschreven zijn door Ds. Joh. Jansen, Dr. H. Bouwman, Ds. H. Meulink en Ds. I. de Wolff, en Ds. H. Bouma.

1.) Ds Joh. Jansen heeft geschreven het boek Korte Verklaring van de Kerkenordening, geraadpleegd wordt in onze kringen de eerste druk uit 1923.

2.) In onze kerken wordt echter ook nogal eens een beroep gedaan op Dr. H. Bouwman en het door hem geschreven Gereformeerd Kerkrecht, deel I en II, uitgegeven in 1934.

3.) De predikanten Ds. H. Meulink en Ds. I. de Wolff hebben geschreven een Korte Verklaring van de Kerkenordening van de Gereformeerde Kerken in Nederland.

Bij deze notitie is gebruikt de derde onveranderde druk, uitgegeven in 1967.

4.) Ds. H. Bouma heeft een losbladige uitgave verzorgd van synode-uitspraken, weergegeven per artikel van de KO. De titel is Kerkorde van de Gereformeerde Kerken in Nederland. De laatste aanvulling dateert van 1.6.98. Deze uitgave staat bekend als “de map van Bouma”.

Verder is geraadpleegd Van Dale Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, twaalfde uitgave, 1992, naast enkele andere bronnen.

De indeling van deze notitie is als volgt:

  1. Credentie en Credentiebrief
  2. Opschorten
  3. Credentie en opschorten
  4. Samenwerking en opschorten
  5. Conclusies

*. Bijlage: “De waarheid luistert nauw (4)”van Ds. P. van Gurp in De Bazuin nr. 02, 19-01-2011.

Deze notitie telt 5 pagina’s, de bijlage bevat 4 pagina’s en is apart bijgevoegd (noot red.: de bijlage kan worden opgevraagd via de contactpagina van deze website).

 

  1. Credentie en Credentiebrief

1.1. De kerkenorde

1.) Kerkenorde, geldend voordat de kerkenorde van kracht was welke is opgenomen in het Gereformeerd Kerkboek 1984/1985.
Artikel 33:
Die tot de samenkomsten afgezonden worden, zullen hunne credentiebrieven en instructiën, ondertekend zijnde van degenen die ze zenden, meebrengen, en deze zullen keurstemmen hebben, ten ware in zaken, die hunne personen of kerken in het bijzonder aangaan.

2.) Kerkenorde, zoals opgenomen in het Gereformeerd Kerkboek 1984/1985, thans geldend:
Art. 32: Afvaardiging naar meerdere vergaderingen
Afgevaardigden naar meerdere vergaderingen zullen hun geloofsbrieven, ondertekend door hun zenders, meebrengen en op grond daarvan stemrecht hebben. Bij zaken die henzelf of hun eigen kerken betreffen, moeten zij echter buiten stemming blijven.

 

1.2. Ds. Joh. Jansen: Korte Verklaring van de Kerkenordening, eerste druk 1923
Credentie: Geen aparte vermelding.

Credentie-brieven of getuigenissen zijn geloofsbrieven, brieven van afzending, vertrouwensbrieven (Pagina 152).

Conclusie n.a.v. Joh. Jansen:

De credentiebrieven zijn bewijzen van wettige afvaardiging (Pagina 153).

 

1.3. Dr. H. Bouwman: Gereformeerd Kerkrecht deel I
In het zaakregister:

-Credentie: geen vermelding

-Credentiebrief: geen vermelding

-Geloofsbrief: geen vermelding

-Lastbrief: geen vermelding

 

1.4. Dr. H. Bouwman: Gereformeerd Kerkrecht deel II
1.4.1. In het zaakregister:
-Credentie: geen vermelding

-Credentiebrief, zie ook lastbrieven

-Geloofsbrieven: zie lastbrieven

-Lastbrieven: zie ook geloofsbrieven

 

1.4.2. Credentiebrief
a.) Pagina 28: Zij die naar een kerkelijke vergadering gaan, zijn gemachtigd als afgevaardigden met een credentiebrief om de kerken te vertegenwoordigen, en volgens de kerkorde te handelen in die zaken, die hun opgedragen zijn.

b.) Pagina 60: Credentiebrieven mogen niet gelimiteerd worden (Synode van Hoorn 1584). De kerken moeten dus in haar afvaardiging verklaren, dat zij zullen handelen naar de kerkenordening, zoals art. 31 verklaart dat, hetgeen door de meeste stemmen goed gevonden is, voor vast en bondig zal gehouden worden.

c.) Pagina 140: Een behoorlijke credentiebrief vermeldt niet alleen de namen van de afgevaardigden met hun plaatsvervangers, maar geeft ook een verklaring dat hun door de kerkenraad last en macht (opdracht en bevoegdheid) is gegeven, om alle wettig ter tafel komende zaken mede te behandelen naar Gods Woord, de belijdenis der kerk en de aangenomen kerkenordening. Voorts moeten de geloofsbrieven wettig door de praeses en scriba van de kerkenraad getekend zijn.

 

1.4.3. Lastbrief
a.) Pagina 17 en 18: De lastbrieven zijn de officiële bewijzen van wettige afvaardiging der kerken, die ten principale de eigenlijke bezitters zijn der kerkelijke macht, en die door hare afgevaardigden de macht, die zij zelve bezitten, voor bepaalde zaken en in bijzondere gevallen samenbrengen.
De kerkenraad vergadert zo vaak hij wil, maar de meerdere vergaderingen komen slechts een enkele maal samen. De kerkenraad behandelt alle voorkomende zaken, die voor het welzijn van de gemeente nodig gekeurd worden, de meerdere vergadering behandelt slechts die zaken, die naar de vastgestelde orde daar gebracht worden.

De kerkenraad heeft eigen macht, de meerdere vergadering afgeleide macht. De kerkenraad kan wel bestaan zonder de meerdere vergadering, doch de meerdere vergaderingen niet zonder de kerkenraad. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat de eenheid der kerken tot stand komt door de meerdere vergaderingen. Deze eenheid bestaat, ook al wordt er geen classis of synode gehouden, omdat de kerken in Christus één zijn, en één in de gemeenschappelijke belijdenis.

b.) Pagina 59: De kerken brengen door haar afgevaardigden haar macht samen, en spreken door haar afgevaardigden haar oordeel uit. Om die reden moeten de afgevaardigden met lastbrieven voorzien zijn, waaruit blijkt dat zij wettige afgevaardigden zijn.

c.) Pagina 61: Het recht van de kerkelijke vergaderingen hangt dus van de lastbrieven af.

d.) Pagina 128: De geloofsbrieven geven bewijs, dat iemand wettig gezonden is, en last heeft ontvangen om namens de zendende kerk te handelen.

 

1.4.4. Conclusie n.a.v. Dr. H. Bouwman:
Credentiebrief: een machtiging, om als afgevaardigde de kerken te vertegenwoordigen en volgens de kerkorde te handelen in die zaken die hun opgedragen zijn.

Credentiebrief = lastbrief = geloofsbrief.

 

1.5. De map van Bouma
De map van Bouma geeft modellen voor een geloofsbrief voor afgevaardigden naar meerdere vergaderingen in Bijlage 24 (bij art. 32 KO). Het slot voor een Geloofsbrief van een kerkenraad aan een classis luidt: “Hij verklaart voorts, dat hij overeenkomstig artikel 31 van de kerkorde de uitspraken die bij meerderheid van stemmen zijn gedaan als bindend zal aanvaarden, tenzij wordt bewezen dat zij in strijd zijn met het Woord van God of met de kerkorde.”
Deze slotzin geldt, met de nodige veranderingen, ook voor een Geloofsbrief van een classis en particuliere synode aan een opvolgende meerdere vergadering.

 

1.6. Conclusie m.b.t.: Credentie
Credentie heeft de betekenis van vertrouwen.

 

1.7. Conclusie m.b.t.: Credentiebrief
Een credentiebrief is een geloofsbrief. Dat is een schriftelijk bewijs van afvaardiging, dat moet worden overlegd om zitting en stemrecht te verkrijgen in een vergadering.

Een credentiebrief is een geloofsbrief of lastbrief, dus een verklaring waaruit blijkt, dat de afgevaardigden de opdracht hebben om namens de zendende kerk(en) te handelen en te besluiten, welke besluiten de kerken voor vast en bondig zullen houden, tenzij ze strijden tegen Gods Woord of de Kerkenordening

(Korte Verklaring van de Kerkenordening door Ds. H. Meulink en Ds. I. de Wolff, pagina 81).

 

  1. Opschorten

2.1. Van Dale Groot Woordenboek der Nederlandse Taal
Opschorten: Op een later tijdstip stellen; uitstellen

 

2.2. Ds. Joh. Jansen: Korte Verklaring van de Kerkenordening, eerste druk 1923
Het woord opschorten komt in zijn verklaring één keer voor.
Op pagina 85 bij de bespreking van het destijds geldende KO artikel m.b.t. het houden van proefpreken door studenten in de theologie, vermeldt Ds. Joh. Jansen dat de Synode van ’s Gravenhage 1914, aan het “opschorten” een periode van drie maanden verbindt.

 

2.3. Dr. H. Bouwman Gereformeerd Kerkrecht deel I en II
Het zaakregister van deel I en deel II geeft geen vermelding bij het woord “opschorten”.

 

2.4. De map van Bouma
Bij de toelichting op art. 3 van de thans geldende kerkenorde wordt verwezen naar het besluit van de synode van ’s Gravenhage 1914, art. 77 (pagina I – Art. 3-2).
Daar wordt aan het woord “opschorten” een termijn verbonden van drie maanden.
Dit is de enige keer dat in de map van Bouma het woord “opschorten” staat vermeld.

 

2.5. Conclusie m.b.t. Opschorten
Het woord “opschorten” is tijdgebonden en heeft niet de betekenis van beëindigen of afbreken.

 

  1. Credentie en opschorten

In De Bazuin nr. 02 van 19 januari 2011 schrijft Ds. Van Gurp het artikel “De waarheid luistert nauw (4)” over credenties en opschorten. Dat naar aanleiding van een stellingname dat het mogelijk zou zijn om credenties op te schorten.
Ds. Van Gurp toont aan dat de uitdrukking ‘opschorten van credenties’ in feite niet bestaat.
Het is een slag in de lucht.

Hieronder twee citaten uit dit artikel:
“Het is nodig om nauwkeurig na te gaan wat met die uitdrukking ‘opschorten van de credenties’ bedoeld wordt.
De uitdrukking bestaat in feite niet. Zelfs het Groot Woordenboek der Nederlandse taal van Van Dale noemt het niet.
Dus is het opschorten van credenties eigenlijk een slag in de lucht. De broeders zullen wel daarmee verwezen hebben naar credentiebrieven, een ouderwets woord dat in de nieuwe versie van de kerkorde vervangen is door het woord geloofsbrieven.
Op elke kerkelijke vergadering worden eerst die geloofsbrieven onderzocht.”

“Als in een huwelijk een man tegen zijn vrouw zegt dat hij zich niet meer gebonden acht aan zijn belofte van trouw en dat hij die binding opschort, voorlopig voor een maand, dan zeggen wij toch ook niet vergoelijkend: het is maar voorlopig, voor een maand. Dan betekent dat toch verbreking van de huwelijksband.
Daar komt bij dat degenen, die dit besloten, zich niet op de classis beriepen.”

 

  1. Samenwerking en opschorten

Samenwerken is, met elkaar, gemeenschappelijk, aan een zelfde taak werken.
Opschorten is uitstellen, dat is een tijdelijke zaak.

De samenwerking in een vergadering opschorten kan nodig zijn omdat er een obstakel is, een wegversperring om op dat moment samen verder te gaan. Zo een wegversperring kan zijn dat de ene partij de andere partij beschuldigt van het verkondigen van onwaarheid en volhardt in deze beschuldiging.
Een pre-alabel verzoek tot terug nemen van deze beschuldiging van het spreken van onwaarheid werd gedaan door de beschuldigde partij, conform art. 48 KO.

De volharding in het handhaven van de beschuldiging van het spreken van onwaarheid kwam tot uiting in de afwijzing van het verzoek om die beschuldiging terug te nemen.
Dan is er een versperring van de mogelijkheid tot samenwerken.
Want het gaat om het handhaven van het leven in overeenstemming met het negende gebod.

Die versperring moet eerst opgeruimd worden.
Dat kan door de daartoe bevoegde instantie.
Als die bevoegde instantie dat doet is er weer samenwerking mogelijk.

Om een uitspraak van de bevoegde instantie te verkrijgen moet dan wel door minstens één van de partijen een beroep gedaan worden op die bevoegde instantie.
In de huidige situatie heeft één partij duidelijk meegedeeld in appèl te gaan bij de bevoegde instantie. Die mededeling werd gedaan aaneensluitend aan de mededeling van het opschorten van het gemeenschappelijk overleg.
Daarmee werd aangegeven de samenwerking te willen voortzetten, en dat daartoe eerst de blokkade uit de weg geruimd moet worden.
Er is in zo een situatie beslist geen sprake van de wil om buiten het samenwerkingsverband te willen treden.

 

  1. Conclusies

5.1. Opschorten betekent uitstellen
Opschorten heeft betrekking op een tijdgebonden periode.

 

5.2. Credentie en Samenwerking: twee woorden met een verschillende betekenis

1.) Credentie betekent vertrouwen.
Credentie opschorten is onmogelijk, het is in werkelijkheid het verbreken van vertrouwen en maakt daarom een verantwoorde samenwerking onmogelijk.

2.) Samenwerking is gemeenschappelijk werken aan dezelfde zaak.
Samenwerking opschorten is

-het handhaven van de wil tot samenwerking, en

-het uitstellen van de samenwerking totdat de blokkade is opgeruimd,

zodat daarna de samenwerking kan worden voortgezet op de oude voet.

 

5.3. Handhaving van art. 31 KO is de basis voor samenwerking in onderling vertrouwen
Het is in strijd met de waarheid om uit te spreken dat het beroep doen op de bevoegde rechterlijke instantie, om de blokkade uit de weg geruimd te krijgen, te kwalificeren is als een zich plaatsen buiten de kring van de samenwerkende partners.
Een beroep op de aangewezen rechterlijke instantie is juist een bewijs van de wil om de samenwerking zuiver te blijven voortzetten.

 

5.4. Vertrouwen en nakoming van art. 31 KO zijn hecht verbonden
Opvallend is de directe koppeling tussen het geven van vertrouwen en de handhaving van art. 31 KO: de uitspraken die bij meerderheid van stemmen zijn gedaan zullen als bindend worden aanvaard, tenzij bewezen wordt dat zij in strijd zijn met het Woord van God of met de kerkorde.

 

5.5. Samenwerking in vertrouwen rust op Gods Woord
Samenwerking in vertrouwen luistert nauw, het is gebaseerd op trouw aan Gods Woord.

image_pdfimage_print